Streekproductenwinkel: verkoop en proeven streekwijnen

Vraag

Er is onduidelijkheid over het volgende.

Een ondernemer van een streekproductenwinkel die streekwijnen verkoopt wil tijdens de feestelijke heropening van het vernieuwde centrum een proeverij organiseren. de meningen zijn verdeeld. Volgens ons kan dit niet en is dit recht alleen voorbehouden aan een slijter. En is dit ook niet met artikel 35 voor de streekwinkeleigenaar op te lossen ook niet als je het los ziet van de winkel maar het als evenement in behandeling neemt.

Anderen zeggen daar en tegen dat het wel zou kunnen dat meneer tijdens deze happening voor zijn zaak laat proeven als hij dan daar maar geen wijn gaat verkopen.

Hoe zit dat nou?

 

Antwoord

Als eerste moet worden bezien of deze streekproductenwinkel wel een winkel is zoals bedoeld in artikel 18, lid 2 onder a DHW. Voornoemd artikellid gaat over een winkel waarin in overwegende mate levensmiddelen of tabak en aanverwante artikelen of uitsluitend zwak-alcoholhoudende dranken al dan niet tezamen met alcoholvrije dranken worden verkocht.

Als het een winkel is zoals bedoeld in artikel 18, lid 2 onder a DHW, dan mag de verkoop van zwak-alcoholhoudende dranken voor gebruik elders dan ter plaatse alleen plaatsvinden in de winkel. Let in dat kader vooral op het woordje “in” in de aanhef van artikel 18, lid 2. Dat betekent dat er geen verkoop van zwak-alcoholhoudende dranken mag plaatshebben voor gebruik elders dan ter plaatse (dus detailhandel) buiten de winkel, bijvoorbeeld vanaf een marktkraam.

Het laten proeven van zwak-alcoholhoudende streekwijnen voor gebruik ter plaatse kan via een artikel 35-ontheffing, voor zover de burgemeester dat kwalificeert als een bijzondere gelegenheid van tijdelijke aard. Een feestelijke heropening van het vernieuwde centrum kan best gekwalificeerd worden als een bijzondere gelegenheid van tijdelijke aard. Met genoemde ontheffing kan alsdan buiten zwak-alcoholhoudende drank worden verstrekt voor gebruik ter plaatse (dus geen verkoop voor gebruik elders dan ter plaatse want dat is detailhandel).

Degene onder wiens onmiddellijke leiding zwak-alcoholhoudende drank wordt verstrekt moet daarbij uiteraard wel voldoen aan de in artikel 35 bedoelde eisen (mogelijk aangevuld met gemeentelijke eisen zoals bijvoorbeeld het bezit van het diploma sociale hygiene).

In een slijterij (maar dat is hier nu niet van toepassing) mogen inderdaad onder bepaalde voorwaarden alcoholhoudende dranken worden verstrekt voor gebruik ter plaatse (dat is eigenlijk in het kader van een directe aankoopbeslissing door de klant). Dat is toegestaan o.g.v. artikel 13, lid 2 DHW. In dat artikel staan ook de betreffende voorwaarden vermeld waaronder deze verstrekking mogelijk is.

Proeven in een artikel 18-winkel is verboden. Als daar alcoholhoudende dranken worden verstrekt voor gebruik ter plaatse, dan betreft dat de uitoefening van het horecabedrijf en daarvoor is o.g.v. artikel 3 DHW een dh-vergunning nodig. Die vergunning kan niet worden verleend omdat in een ruimte waar alcoholhoudende drank wordt verstrekt voor gebruik ter plaatse geen alcoholhoudende dranken mogen worden verstrekt voor gebruik elders dan ter plaatse. Dat laatste is nl. een detailhandelsactiviteit en dat is o.g.v. artikel 14, lid 2 DHW verboden in een horecalokaliteit en dat levert weer een weigeringsgrond op.

Posted in: Veelgestelde vragen

FacebookTwitterGoogle+LinkedInEmail

een initiatief van